
Morgen zullen duizenden mensen gehoor aan de oproep van
l'Alliance pour la Planète (een groepering van een dertigtal ngo's en milieuverenigingen) om iets voor 20u de lichten te doven. Zo tonen burgers symbolisch hun ongerustheid over de klimaatverandering. Ze ageren vooral ook vanwege het ontbreken van een echt klimaatbeleid.
De directe aanleiding voor deze actie is de bekendmaking morgen van een nieuw rapport van het
VN-klimaatpanel (IPCC). Het IPCC zal weinig verrassingen in petto hebben. Wie die literatuur volgt, weet immers dat de wetenschap het al langer eens is over het klimaatprobleem: de aarde warmt op, de mens is hier grotendeels voor verantwoordelijk, en de toekomstige opwarming zal minstens ‘gematigd sterk’ zijn.
Wetenschappers zeggen ook al langer dat we nog 10 à 15 jaar hebben om het roer om te gooien. De politiek moet dan wel dringend in actie schieten. Onze regeringen halen vandaag niet eens hun Kyotodoelstellingen , terwijl die gaan over een minderuistoot van enkele luttele procenten ten opzichte van het referentiejaar 1990. Er zijn echter reducties nodig van eerst 50% (tegen 2030) en nadien 80% (tegen 2050) om de ergste klimaatgevolgen tegen te gaan. Wat we nodig hebben is met andere woorden een radicale ecologische omslag in de manier waarop we produceren en consumeren.
Daarom riepen vorige week
Peter Tom Jones en ik iedereen op
een klimaatpact te sluiten, net zoals kort na WO II een sociaal pact werd afgesloten. Dat pact legde toen de basis voor onze sociale zekerheid. Een ecologische New Deal, een echt pact dat rekening houdt met de noden van deze én van volgende generaties, kan alleen maar gesloten worden als werkgevers en werknemers, het middenveld en de verschillende overheden eindelijk de handen in elkaar slaan.
Een groene huisvrouw op je lijst zetten, jezelf verstandig groen noemen, of uitpakken met een Kyotofondsje zijn dan overduidelijk ruim onvoldoende. De vraag is trouwens niet of men vandaag
iets doet; het gaat erom of men
voldoende doet om klimaatcatastrofes te voorkomen. Dat is nu niet het geval. Ook daarom doe ik 5 minuten het licht uit, morgen.
Labels: België, opwarming
De gemeenteraad van gisterenavond was er eentje om te huilen. Op de agenda stonden vooral benoemingen in intercommunales en vzw's geagendeerd. En de meerderheid vindt dat deze postjes vooral dienen om eigen mensen gelukkig te maken. De minderheidspartijen gingen uiteraard niet mee in deze redenering, waardoor de zitting uitliep op een urenlange stemmingslag.
Het Vlaams Belang vond dat het als grootste fractie recht had op de meeste postjes. Waarmee meteen duidelijk is gemaakt dat het Belang, net als de meerderheidspartijen, alleen maar is geïnteresseerd in macht en niet in beleid.
Voor mij was het belangrijk dat mensen benoemd werden die ook daadwerkelijk nuttig werk zouden verrichten in de verschillende organisaties. Ik had dan ook graag van iedereen een positieve argumentatie gehoord voor hun kandidatuur. Dat was natuurlijk weer veel te naief gedacht. Uiteindelijk liep alle stemmingen uit op wat kon verwacht worden: postjes verdelen.
Wat het Aalsterse plaatselijke werkgelenheidsagentschap betreft, hebben de meerderheidspartijen zonder enige schroom het cordon sanitair aan hun laars gelapt. Men wilde me er zelfs eerst van overtuigen om het voorstel van benoeming gewoon mee goed te keuren. Ik stond op individuele stemmingen, CD&V en sp.a hebben zich daarop zeer laf gewoon onthouden als het ging om de Belang-kandidaten. Gezien men verkozen is bij meer ja- dan neen-stemmen, stond een onthouding gelijk aan een ja-stem. De sp.a is hiermee haar zelfgezet stempel van progressieve partij volledig kwijtgespeeld.
Deze tripartiet heeft nog geen enkele echte beleidsdaad gesteld. Totnogtoe ging het om mandaten verdelen; van enige visie op de toekomst van Aalst en hoe we de problemen zouden kunnen aanpakken, geen spoor. Wat in tenstelling is met de verkiezingsprogramma's van 8 oktober vorig jaar.
Dorpspolitiek ten voeten uit. Ik heb veel werk als oppositieraadslid, de komende 6 jaar.
Labels: Aalst, gemeenteraad
An Inconvenient Truth van Al Gore was in 2006 de
must see docufilm;
Our Daily Bread wordt dat voor 2007. Deze film van de Oostenrijks Nikolaus Geyrhalter bevat geen ingewikkelde grafieken, geen interviews, geen commentaren.
Het is wel een aaneenschakeling van beelden die voor zich spreken. Beeld na beeld wordt getoond hoe wij omgaan met voedsel, met dieren, hoe we in Europa aan landbouw doen. Beelden die tonen hoe er het aan toe gaan in de industriële voedingsindustrie. Beelden op de tonen van bizarre geluiden van de machines uit slachthuizen of vleesverwerkingsbedrijven. Het is aan de kijker om zelf de informatie verwerken.
De film komt in ons land uit op 7 februari. Een voorsmaakje kan je downloaden in de vorm van een trailer,
op de site van de film.
Labels: dierenrechten, landbouw
Lester Brown, de schrijver van het boek
Plan B 2.0: Rescuing a Planet Under Stress and a Civilization in Trouble komt op dinsdag 30 januari spreken over klimaatverandering.
De man schreef meer dan 50 boeken, sommige werden in meer dan 40 talen vertaald. Hij is daarmee een van de meest gepubliceerde schrijvers ter wereld. Hij is een van de globale denkers die analyse koppelt aan concrete actievoorstellen.
Hij is gastspreker op het Davos World Economic Forum, maar zegde toe om even te stoppen in Brussel om in het Europees Parlement over zijn Plan B te vertellen. Plan B is zijn alternatief voor Plan 1, of
business as usual. Hieronder publiceer ik een samenvattende vertaling uit de losse pols van hoofdstuk 12
“Building a New Economy” van zijn boek Plan B 2.0.
De ecologische revolutie volgens Lester BrownDe globale economie herstructureren volgens ecologische principes vormt eigenlijk de grootste investeringsopportunititeit in de geschiedenis, zegt Lester Brown. Qua grootteorde kan men de ecologische revolutie vergelijken met de landbouw- en industriële revoluties die we al hebben gekend.
De landbouwrevolutie maakte de omslag van een nomadische levensstijl gebaseerd op jacht en verzamelen van voedsel, naar een een gesettelde levensstijl gebaseerd op het bewerken van grond. Hoewel de mens begon met landbouw als een extraatje bovenop jagen en verzamelen, verving landbouw algauw volledig deze nomadische activiteiten. Uiteindelijk zorgde de landbouwrevolutie ervoor dat 10% van de beschikbare ruimte aan steppe en woud werd gebruikt en omgeploegd om te planten en te oogsten. In tegenstelling tot de jager-verzamelaarcultuur die slechts weinig impact had op het leefmilieu, leidde deze nieuwe landbouwcultuur tot een transformatie van het aardoppervlak.
De industriële revolutie duurde in totaal ongeveer 2 eeuwen, en in sommige landen volstrekt ze zich nog of bevindt ze zich in een vroege fase. Aan de grondslag ervan lag een omslag van hout naar fossiele brandstoffen, een omslag die de massale expansie van economische activiteiten heeft ingezet. Het grote verschil in beide revoluties zit hem in het feit dat deze keer gebruik gemaakt werd van de zonne-energie, opgeslagen onder de vorm van fossiele brandstoffen beneden het aardoppervlak. Waar de landbouwrevolutie het aardoppervlak van uitzicht veranderde, zorgt de industriële revolutie voor een transformatie van de atmosfeer.
De hoge productiviteit die door de industriële revolutie mogelijk werd gemaakt, maakte enorme creatieve energie vrij. Ze zorgde ook voor nieuwe levensstijlen, en was en is ook synoniem ook voor het meest destructieve tijdvak sinds mensenheugnis op vlak van milieu, wat uiteindelijk de wereld op het spoor zet van economische terugval.
De ecologische revolutie is te vergelijken met de industriële revolutie in die zin dat de omslag zal zijn gebaseerd om een shift naar nieuwe energiebronnen. En net zoals de vorige revoluties zal de ecologische revolutie de hele wereld veranderen.
Er zijn verschillen in schaal, tijd en oorsprong tussen deze drie revoluties. In tegenstelling tot de eerste twee, zal de ecologische revolutie verlopen over een samengedrukt tijdsvak van enkele decennia. De andere werden gestuwd door nieuwe ontdekkingen, of technologische uitvindingen. Deze revolutie echter, die weliswaar zal worden mogelijk gemaakt danzij nieuwe technologische innovaties, wordt deze gestuwd door onze behoefte om vrede te sluiten met de natuur.
Nog nooit stonden we voor investeringsopportuniteiten als vandaag. De 1,7
triljoen dollar die de wereld vandaag spendeert aan olie, vandaag de belangrijkse energiebron, biedt inzicht over hoeveel we kunnen investeren in andere energiebronnen in een ecologische economie. Hét verschil tussen de investeringen in fossiele brandstoffen en die in windkracht, zonne-energie, en geothermische energie, is dat deze laatsten onuitputtelijk zijn.
Voor ontwikkelingslanden die vandaag grotendeels afhangen van ingevoerde olie, zijn de nieuwe energiebronnen veelbelovend: ze zullen immers heel wat kapitaal vrijmaken dat kan worden geïnvesteerd in binnenlandse energiebronnen. Slechts weinig landen beschikken over eigen olievelden, maar in elk land waait er wind en schijnt de zon. Er wordt enkel nog te weinig of geen gebruik van gemaakt. Uitgedrukt in economische ontwikkeling en jobcreatie, betekenen deze energiebronnen niet minder dan een godsgeschenk. Investeringen in energie-efficiëntie zullen boomen om de simpele reden dat ze winst genereren. In zowat alle landen betekent energiebesparing de goedkoopste energiebron.
De ecologische revolutie zal zich manifesteren in élke sector van de globale economie. In deze nieuwe economie zullen sommige ondernemingen winnen, andere verliezen. Degenen die meebouwen aan deze nieuwe economie zullen winnaars zijn. Zij die deze historische afspraak missen, dreigen naar de geschiedenis te worden verwezen.
Labels: ecologie, economie, energie, milieu
Artspotter is fotograaf uit Aalst. Geniet mee van zijn foto's op
flickr.com. Hij onderhoudt ook een fotoblog over Aalst:
aalst daily photo.
Deze maatregel Ik zag je in het journaal.
Ik hoorde de nieuwslezer zeggen
dat de boerderij waar je woonde en werkte
was geruimd.
Ik probeerde niet te kijken
maar ik zag je toch een paar seconden
in een grote grijper door de lucht zweven:
je zware lichaam, je poten, je uier
je zwaaiende kop.
De nieuwslezer zei dat je dood een maatregel was
die brede instemming had gevonden en legde
het papier waarop dat stond weg.
Kon ik maar denken: je was maar een dier,
kon ik dat maar denken.
© Rutger Kopland / Uit: Over het verlangen naar een sigaret (G.A. Van Oorschot, Amsterdam, vierde druk 2003)
Labels: gedichtendag
Verzet begint niet met grote woorden Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden
zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt
zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud
zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt
zoals liefde met een blik
een aanraking iets dat je opvalt in een stem
jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet
en dan die vraag aan een ander stellen.
Remco Campert / gelezen op een bierkaartje van
Café De Geus van Gent.
Labels: gedichtendag
Vandaag was ik getuige van een bijzonder moment. Alle voorzitters en voorzitsters van de Belgische democratische partijen hebben vandaag namelijk
een charter ondertekend waarin ze zich engageren om van de gelijkheid tussen mannen en vrouwen een permanente doelstelling te maken.
"De partijen nemen vandaag een historische beslissing door te kiezen voor gelijkheid tussen mannen en vrouwen in hun eigen rangen, structuren en beleid", zei Saskia Ravesloot van de VUB. Saskia was de voorzitster van de werkgroep die het charter opstelde. Ik was lid van die werkgroep voor Groen!
Dat partijen echt officieel laten weten te willen werken aan gelijkheid voor mannen en vrouwen vind ik al een stap vooruit. Maar het historische voor mij zat in het beeld, in het moment. Al deze voorzitters/sters trokken een uur uit om een tekst te tekenen, een tekst waarover lang werd onderhandeld. Maar we zijn wel tot consensus gekomen. Nederlandstalige en franstalige onderhandelaars en voorzitters/sters, het is toch maar mooi gelukt.
Het historische zat vooral in het feit dat alle voorzitters netjes op een rij naast elkaar zaten, in alfabetische volgorde: Joëlle Milquet (cdH), Jo Vandeurzen (CD&V), Isabelle Durant en Jean-Michel Javaux (Ecolo), Vera Dua (Groen! ), Didier Reynders (MR), Bart De Wever (N-VA), Elio Di Rupo (PS), Geert Lambert (Spirit), Caroline Gennez (die tegen de afspraken in toch sp.a-voorzitter Johan Vande Lanotte verving) en Bart Somers (VLD). En elkeen vertelde in zijn of haar 3 minuten spreektijd hoe belangrijk gelijkheid van mannen en vrouwen is. En ze lieten elkaar rustig uitspreken.
Doodjammer dat ik mijn cameraatje niet bij had :-(
Labels: politiek

Blogger Seth Godin
is gestart met een e-campagne om mensen zo ver te krijgen spaarlampen (Compact Fluorescent -CF- light bulb) te gebruiken in plaats van gewone gloeilampen. Ondanks de vele voordelen van spaarlampen zijn ze nog niet gemeengoed geworden, vandaar.
Nochtans betekent een spaarlamp pure winst. Wanneer in huis vijf gloeilampen van 60 Watt die gemiddeld 3 uur per dag branden, worden vervangen door spaarlampen van 15 Watt, dan gaat het om een besparing van 250 kWh. Of ongeveer de helft van het totale jaarlijkse elektriciteitsverbruik voor verlichting. Of ongeveer 50 euro per jaar. De hogere aanschafprijs is vaak al na een jaar terugverdiend.
Slechts 6% van de Amerikaanse huishoudens heeft een spaarlamp in één of andere fitting zitten. Bij ons in Vlaanderen is het gelukkig toch iets beter gesteld. 98% van de Vlamingen weet wat een spaarlamp is, en dankzij de
energiebonactie van de netbeheerders
is het percentage Vlaamse gezinnen dat over minstens 1 spaarlamp beschikt, gestegen van 49,8% in 2003 naar 72,8% in 2005. Jammer genoeg wordt deze goede evolutie teniet gedaan door het toenemende aantal halogeenlampen.
Dus steun ik toch maar de blogactie Seth Godin, onder het motto "draai toch nog maar eens een spaarlamp in".
Labels: energie
Beste
Johan Vande Lanotte,
Het was weer koekenbak dit weekend. Je hebt je weer eens van je meest arrogante kant laten zien.
Alweer vond je het nodig en blijkbaar ook bijzonder dringend om het bestaansrecht van een ecologische partij in vraag te stellen.
Sorry voor jou Johan, maar het
ecologisme is een volwaarde politieke stroming in België en bij uitbreiding Europa, naast de
christendemocratie, het
liberalisme, de
sociaaldemocratie en zelfs het
nationalisme. Je hoort het wellicht niet graag, maar overal in Europa zijn groene partijen als politieke poot van de ecologische beweging actief. En
Groen! is in Vlaanderen de politieke tak van de Vlaamse ecologische beweging.
De verbetenheid waarmee je het bestaansrecht van Groen! wil bekampen, is ook onbegrijpelijk. Nog nooit heb ik, en bij uitbreiding gans Groen!, het bestaansrecht van een partij als de
sp.a in vraag gesteld. Integendeel, ik vind de sp.a heel hard nodig, als sociaal-democratische actor in het politieke landschap.
Het is ook bijzonder flauw om nog maar eens verkeerde info te verspreiden over de groenen in de VS. Neen, het is niet de schuld van de groenen dat Bush aan de macht is. Dat is hetzelfde zeggen als zou de sp.a verantwoordelijk is voor de oorlog in Irak, gezien de grote rol van sociaaldemocraat
Blair in deze. Maar zoiets zeg ik niet, wegens de graad van belachelijkheid van zo'n non-argument.
Het is ook nuttig voor jou om weten dat het niet door de Amerikaanse
Green Party en hun presidentskandidaat Ralph Nader komt dat de Democraten in 2000 het presidentschap hadden verloren. Democratisch presidentskandidaat Al Gore behaalde immers 539.898 stemmen méér dan George W. Bush, alleen werd Gore geen president omdat het Hooggerechtshof besliste de
hertellingen stop te zetten en de uitslag van de gekende cijfers
op dat ogenblik als het officiële resultaat te erkennen. Het Hooggerechtshof baseerde zich daarvoor op het principe van de gelijke behandeling. Officieel haalde daarmee George W. Bush in Florida 537 stemmen meer dan Al Gore.
Het verhaal is zelfs sterker: dankzij Nader zijn uiteindelijk heel veel Amerikanen wél gaan kiezen, en ze hebben daarbij niet op de Republikeinen gestemd zoals ze oorspronkelijk van plan waren, maar op de groene partij. Nader snoepte met andere woorden stemmen weg van de Republikeinen, niet van de Democraten.
En dan de uitspraak als zouden er reeds ecologisten in het parlement zitten, namelijk bij de sp.a. Ik stel alleen maar vast dat minister Tobback (sp.a) de Kyotonorm niet haalt (en dat gaat om ocharme 7,5% minderuitstoot t.a.v. 1990, terwijl elke wetenschapper erop hamert dat België moet gaan naar 80% minderuitstoot in 2050), dat toen jij nog Noordzeeminister was in één pennentrek de ganse Noordzee windturbinevrij hebt gemaakt, dat de sp.a er meer heeft voor gezorgd dat de vervuilende steenkolencentrales langer mogen draaien (in plaats van ze meteen te sluiten, halen we in één klap Kyoto).
Wreed ecologisch vind ik dat allemaal niet.
Tot slot. Je programma overgieten met een groen sausje is ruim onvoldoende. Wat politieke marketing op de groene flank evenmin. Wat we wél nodig hebben om de grootse uitdagingen van de 21ste eeuw het hoofd te kunnen bieden, zijn radicale, ecologische oplossingen. En daarvoor zijn ecologisten nodig, in Kamer en Senaat. Zie in ons dan ook een medestander, geen tegenstander. In plaats van op ons te schieten, stel ik voor dat je je wapens richt op de echte politieke tegenstanders: rechts en extreem-rechts.
Ik kijk dan ook heel nieuwsgieruig uit naar je ideologisch congres dit weekend.
Met groene groet!
Labels: ecologie, politiek

Al die media-aandacht over de lijstvorming bij
Groen! heeft wat betreft aantal bezoekers van dit log mij alvast geen windeieren gelegd: op 15 januari mocht de
Belstat-teller een piek noteren van maar liefst 90 hits.
Nu nog een piek in Groen!-kiezers
op 10 juni!
Labels: trivia

De Nederlandse afdeling van het
Wereld Natuur Fonds (WNF) verkoopt het publiek virtuele stukjes sneeuw, ijs of ijsbeer in de vorm van poolpixels.
Een pixel noordpool kost 1 euro. Kopen kan op
www.poolpixels.nl. De kopers van een pixel worden ook vermeld op de website. Helaas kunnen alleen Nederlanders (of mensen met een Nederlandse bankrekening) een pixeltje kopen. Jammer!
De opbrengste van deze actie gaat naar WNF-projecten op de Noordpool. Het WNF doet onderzoek naar de gevolgen van smeltend ijs en warmere temperaturen op de dieren en hun leefomgeving. Dit om uiteindelijk wereldwijd bekend te maken dat er iets moet veranderen aan de opwarming van de aarde.
Labels: opwarming
Bij de
VRT zijn ze nu echt wel de pedalen kwijt. Ze verbieden namelijk enkele Aalsterse carnavalisten om
Tocht door het donker van Thor te parodiëren. De VRT verbiedt dit nu met als excuus dat de parodietekst te seksueel getint is en dat het niet kan dat zoiets door een 7-jarig jongetje wordt gezongen.
Tja. Gaat de VRT nu ook consequent de de Top-40 en consoorten niet meer uitzenden? Al eens gehoord waarover de helft van die liedjes gaat? Volgens mij kent de VRT-censor geen Engels.
Bij de VRT hebben ze dus overduidelijk nog altijd niet begrepen waarover
carnaval in Aalst gaat. Eén keer in het jaar gooit iedereen er alle remmen los. Het is daarbij een fijne en al heel lange traditie bij ons in Aalst om van geweldige meezingers gepeperde Aalsterse versies te lanceren.
En dat veel geparodieerde liedjes over seks gaan, of af en toe een
voil woerd bevatten, dat is juist. Er bestaat zelfs een carnavalsliedje over het Aalsterse dialect en hoe plat dat wel is, maar dat net dit een reden is om er fier op te zijn.
Maar dit is eigenlijk niet het punt. Het jongetje zingt in de parodie over hoe hij uitkijkt naar de
Voil Jeannettenstoet en hoe hij op zoek gaat naar de juiste attributen voor zijn kostumm. En daar horen inderdaad vrouwenkleren en -lichaamsdelen bij. Het is gewoon een geweldig liedje en het is ongelooflijk flauw van de VRT om dat te verbieden.
En dat verbieden, hoe gaat de VRT dat doen? De versie circuleert op het Net, dus ik denk dat we het door vele boxen zullen horen knallen.
De
makers van het liedje hebben op gepaste wijze gereageerd, door een nieuw liedje te lanceren. Onderwerp: "ik had een liedje, maar het is gecensureerd". Een geweldige meezinger ook, trouwens. Ik weet nu al wat het succesnummer wordt op de Grote Markt van Aalst, van 18 tot 20 februari.
Tot slo: wie het gewraakte liedje toch nog wil beluisteren (kwestie van het te kunnen meezingen) kan
hier terecht (via
Herman).
Labels: Aalst, carnaval, censuur
Regelmatig plaats ik logjes over ecologische economie.
Over hoe ik denk over de groeidwang waar zowat iedereen aan lijdt bijvoorbeeld.
In mijn interview met Knack kon ik al wat dieper ingaan op mijn visie op de economie.
Wie nog meer wil weten (of wil zien bij wie ik de mosterd heb gehaald) over deze tak van de economische wetenschappen, kan ik het colloquium over ecologische economie dat de denktank
Terra Reversa samen met het Universitair Centrum voor Ontwikkelingssamenwerking (UCOS) en Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling (VODO) op 24 februari organiseren aan de VUB.
Er wordt dan dieper ingegaan op de vraag wat ecologische economie inhoudt, wat de gevolgen voor Noord en Zuid zijn en hoe we de omslag kunnen maken naar een ecologische economie.
Een aanrader, want er komt schoon volk.
Prof. Jeroen van den Bergh geeft een overzicht van wat onder ‘ecologische economie’ wordt verstaan. Daarbij komen elementen uit de economie, ecologie, ethiek en (sociale) wetenschappen aan bod. Hij gaat onder andere na wat het verschil is met de neoklassieke milieueconomie door dieper in te gaan op de discussies over duurzame ontwikkeling, grenzen aan de groei, het huidige milieubeleid en internationale handel.
Andrew Simms staat aan het hoofd van het Climate Change Programme aan het
New Economic Foundation (NEF) in Londen. Op zijn naam staan belangrijke publicaties over klimaatsverandering, globalisatie en localisatie, ontwikkeling, financiële en ecologische schuld. Hij bespreekt de gevolgen van de ecologische economie voor het Noorden. Daarbij ontwikkelt hij het concept van het
Sustainable Adjustment Program (SAP) voor het geïndustrialiseerde Noorden.
Joan Martinez Alier is stichter en voorzitter van de
International Society of Ecological Economics (ISEE). Zijn boek
Environmentalism of the Poor legt een rechtstreeks verband tussen het armoedeprobleem en het ecologische vraagstuk. Door hun economische logica en taal over te nemen, verplichtte hij beleidsmakers om rekening te houden met zijn ideeën.
Saskia Sassen gaat na welk politiek en maatschappelijk draagvlak ecologische economie nodig heeft. Ze stelt zich de vraag welke instellingen nodig zijn op nationaal, internationaal en mondiaal niveau. Daarnaast bespreekt ze hoe het gangbare discours doorprikt kan worden en wat de vooruitzichten zijn van een culturele revolutie. Ze vertrekt daarbij vanuit het begrip ‘tegenhegemonie’ en gaat concreet na hoe zo’n tegenhegemonie gerealiseerd kan worden.
Je kan je inschrijven via de website van VODO (
www.vodo.be)
Labels: ecologie, economie
Zo,
het pollcongres van Groen! van vorige zaterdag heeft me plaats twee toegewezen op de Kamerlijst. Aan mij de zware opdracht om vanop die plaats ervoor te zorgen dat Groen! twee kamerzitjes behaalt voor Oost-Vlaanderen. Voor wat anderen en ikzelf daarvan vonden, blijf ik kort. Het volstaat te verwijzen naar de
vele kranten- en andere artikels die hierover zijn verschenen.
Groen! moet gewoon de verkiezingen winnen.
De dieren worden zot van het ontregelde klimaat.
Doomsday clock is vooruitgezet.
Paus Johannes Paulus II dreigt zalig verklaard te worden. Gelukkig werd Grey's Anatomy verkozen tot beste TV-serie, of de wereld was compleet naar de vaantjes. Edoch, zoals mijn vriend en collega
Jan altijd placht te zeggen: het blijft niet eeuwig 5 voor 12. Er moeten dus dringend weer ecologisten de Kamer en Senaat in. Want we moeten die omslag maken naar een ecologische maatschappij. En dat kan alleen met goede ecologische wetten.
Mijn blik is nu gericht op
10 juni, en niet alleen omdat het dan vaderdag is. Wie zin heeft om samen met mij campagne te voeren, kan me gerust contacteren. Elke helpende hand is nodig, van brieven plooien over affiches plakken tot mee naar debatten gaan.
Labels: politiek, verkiezingen
Vandaag en volgende week verschijnt in weekblad
Knack een reeks interviews met vijf jonge politici. Eén centrale vraag: als je morgen een burgemanifest zou schrijven, wat moet daar dan zeker in staan? Knack contacteerde mij als groene politica. De weerslag van het interview afgenomen door journalist Joël De Ceulaer publiceer ik hieronder.
‘Klassieke recepten deugen niet meer’De economie is niet iets is wat je overkomt, maar iets waarvoor je kiest, zegt Els Keytsman. ‘België moet tegen 2050 klimaatneutraal worden, en de overheid mag de verantwoordelijkheid daarvoor niet afschuiven op de individuele burger.’DOOR JOËL DE CEULAER
‘
We moeten terug naar de inhoud. De laatste jaren ging het in de politiek over de verpakking, over de waan van de dag, het ideetje van de week. Terwijl we net weer nood hebben aan grote verhalen, aan ideologie. Aan een antwoord op de vraag: hoe willen we dat onze maatschappij eruit ziet, welke kant moet het op met onze wereld? Dáárover gaat het in de politiek.
Mijn manifest is een ecologisch manifest. De milieucrisis is de belangrijkste uitdaging voor de komende jaren. Als we binnen dit en vijftien jaar geen radicale omslag maken in onze manier van produceren en consumeren, dan zijn de gevolgen niet te overzien. Ons klimaat dreigt een aantal drempelwaarden onherroepelijk te overschrijven, dus het is cruciaal dat we nu al de juiste keuzes maken. De debatten over ‘progressief’ versus ‘conservatief’ zijn voor mij achterhoedegevechten. Wat we nodig hebben zijn ecologische oplossingen.
Ecologie is een verhaal van verwevenheid, verbondenheid. Het individu is belangrijk, maar alles wat we doen heeft ook een impact op het leven van vele andere mensen. Als westerlingen vormen wij 20 procent van de wereldbevolking, en veroorzaken wij 80 procent van de uitstoot. Dat is onaanvaardbaar. We moeten streven naar een rechtvaardige herverdeling. Het liberalisme en het socialisme hebben een grote betekenis gehad. Het liberalisme is een belangrijke emancipatorische beweging geweest, die ons vrijheid en vooruitgang heeft gebracht. Het socialisme heeft daar de sociale burgerrechten aan toegevoegd. Maar vandaag mis ik de ecologische burgerrechten. Op alle niveaus, zowel mondiaal als nationaal. Mensen hebben recht op schoon drinkwater, een proper leefmilieu, een fatsoenlijk geïsoleerde woning, gezonde voeding, enzovoort.
We moeten naar een groen bnp. Het is heel merkwaardig, maar als je alleen maar naar het bruto nationaal product kijkt, dan is alles wat geld kost of geld opbrengt goed voor de economie. Ook milieuvervuiling, ironisch genoeg. Terwijl dat natuurlijk nergens op slaat. Klassieke economen kunnen alleen optellen, ze trekken nooit af. Een groen bnp wordt anders berekend. Dingen die niet goed zijn voor de maatschappij, worden ervan afgetrokken. En dingen die wel goed zijn voor de maatschappij maar die geen geld kosten, zoals mantelzorg, worden erbij opgeteld.
We lijden aan een neurotische groeidwang. En daar moeten we vanaf. De neoliberale recepten die de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds nu al jaren opleggen aan landen die het moeilijk hebben, wérken niet. Dat zeg ik niet alleen, ook de Amerikaanse topeconoom Joseph Stiglitz schrijft dat. Heel veel landen zijn door die recepten in een nog diepere crisis terecht gekomen. Dat komt omdat die klassieke economische theorieën niet kloppen. Ik heb zelf economie gestudeerd en geloof me: de
homo economicus is een karikatuur, een concept dat economen hebben uitgevonden. Zij gaan ervan uit dat in de vrije markt elke consument over alle nodige informatie beschikt en op een volstrekt rationele wijze een keuze maakt. Maar dat is niet zo. Niemand beschikt over alle informatie. En niemand is alleen maar een rationele, calculerende burger.
De klassieke recepten deugen niet meer. Ook niet die van de klassieke milieueconomen. Omdat het ook liberale recepten zijn: ze willen op alles een prijs plakken, ook op milieuvervuiling. Nu zul je mij nooit horen pleiten tegen het principe dat de vervuiler betaalt. Ecofiscaliteit is een noodzakelijke ingreep, maar het is niet voldoende. Ik vind het bijzonder positief dat premier Verhofstadt het klimaatprobleem eindelijk erkent en er iets aan wil doen. Maar als hij in ruil voor de milieufiscaliteit de vennootschapsbelasting wil laten dalen, ga ik niet akkoord. Je mag nooit het principe verlaten dat je belasting heft op winst. Winstbelasting ruilen voor milieubelasting is trouwens niet erg verstandig. Een milieutaks maakt zichzelf in principe overbodig: als alle bedrijven op den duur milieuneutraal werken, betalen ze geen milieubelastingen meer. Als ze dan ook geen vennootschapsbelasting meer betalen, hebben we toch een probleem. Een ander probleem is uiteraard dat milieubelastingen bijzonder asociaal kunnen zijn. Sommige mensen zullen al die duurdere producten eenvoudigweg niet meer kunnen kopen.
We moeten dus naar een radicale omslag. De overheid mag de beslissingsmacht niet zomaar uitsluitend op de markt leggen. Haast iedereen lijkt er tegenwoordig vanuit te gaan dat de markt alle antwoorden heeft. Dat je de markt maar moet laten spelen. Alsof de economie iets is dat ons overkomt. Dat is natuurlijk niet zo. Voor een economie kies je, en als overheid moet je ook andere mechanismen dan alleen maar de prijs laten spelen. Een beetje sensibilisering is bijlange niet voldoende. Zo heeft de Vlaamse minister van Leefmilieu Kris Peeters een glanzende brochure laten maken met als titel:
Het klimaat verandert, en u? Een zwaktebod, want hij schuift de verantwoordelijkheid af op de individuele burger, en dat kan niet voor mij. Als overheid heb je de verantwoordelijkheid om ecologische burgerrechten voor iedereen te garanderen.
De globale uitstoot moet tegen 2050 met 60 procent dalen. En dus moeten er dwingende afspraken worden gemaakt, op elk niveau. Op mondiaal niveau is het Kyotoprotocol een goed voorbeeld van zo’n afspraak. Maar het is niet meer dan een eerste, kleine stap. Als we een temperatuurstijging met meer dan twee graden willen voorkomen, moeten we veel verder gaan. Om zulke drastische afspraken wereldwijd te kunnen afdwingen, hebben we sterke instellingen nodig. Instellingen zoals het IMF en de Wereldbank, die in staat zijn om regels te doen respecteren.
De huidige maatregelen zijn veel te vrijblijvend. Ook op Europees, nationaal en lokaal niveau moeten we onze streefdoelen verankeren in wetten en decreten. Niet alleen minister Peeters schiet tekort. Ook Bruno Tobback, onze federale minister van Leefmilieu, haalt de Kyotodoelstellingen niet. Ja, de uitstoot stijgt minder snel dan de economische groei, maar dat was niet de afspraak. En toch komen onze minister daar gewoon mee weg. Alsof er niets aan de hand is. Dat kan niet langer. De burger moet de overheid ter verantwoording kunnen roepen. En de doelstelling waarop we de overheid moeten kunnen afrekenen, is wat mij betreft heel duidelijk: België moet in 2050 klimaatneutraal zijn. Zweden heeft zich voorgenomen om een
low carbon economy te worden. Zelfs bedrijven als Volvo Trucks hebben de ambitie om over afzienbare tijd klimaatneutraal te gaan werken. Dat is de juiste weg.
Het begint al in onze eigen huiskamer. Ik heb onlangs een milieuaudit laten doen, en ik viel echt achterover. Met een paar heel eenvoudige ingrepen kan ik mijn energiefactuur met tien tot vijftien procent laten zakken. Kijk maar eens rond: elk huis staat vol met apparaten die in standby staan. Mijn dvdspeler heeft zelfs geen uitknop meer. Mijn magnetron verbruikt negentig procent van zijn energie voor het klokje. Dus trek ik voortaan de stekker uit. En zo zijn er nog voorbeelden. Maar waarom zou je als overheid wachten tot elke individuele burger zijn gedrag heeft aangepast? Energie besparen is niet uitsluitend de verantwoordelijkheid van de burger. Minister Tobback zou, via de wet op de productnormen, kunnen doen wat gouverneur Arnold Schwarzenegger gedaan heeft in Californië: geen producten meer op onze markt toelaten die in standby meer dan één watt verbruiken. Zo simpel is dat.
Een ecologisch verhaal is per definitie een sociaal verhaal. De armsten zijn overal ter wereld de grootste slachtoffers van onze ecologische gulzigheid. En vergeet ook niet dat de armste mensen in de slechtste huizen wonen. Als je weet dat één op de drie huizen in België niet voldoende geïsoleerd is, dan weet je dat veel mensen hun toch al zo schaarse middelen elke maand door ramen en deuren naar buiten zien vliegen. Als we de komende tien jaar 400.000 woningen renoveren, dan lossen we in één klap een stukje van de armoede op. Dat is ook goed voor de bouw, en als het goed gaat met de bouw, gaat het goed met de economie.
Het energienetwerk van de toekomst lijkt op internet. Vandaag wordt onze elektriciteit centraal geproduceerd, het netwerk van de toekomst zal decentraal zijn: veel consumenten zullen tegelijk ook producenten zijn. Met kleinere centrales per dorp of per stad, zelfs windturbines per wijk. Er bestaan al turbines voor één huis. Alleen laat de Vlaamse ruimtelijke ordening dat nog niet toe. Kernenergie is geen optie. Ook niet als wondermiddel om onze CO2-uitstoot te beperken. En ook niet met de reactoren van de vierde generatie, waar Verhofstadt nu voor pleit. We mogen dat afvalprobleem niet doorschuiven naar de volgende generaties. Dat is onethisch. Uranium groeit trouwens niet aan de bomen, en zal over enkele decennia uitgeput zijn.
De mens is meer dan een consument. Volgens de liberalen moeten wij als consument de bedrijven dwingen tot ethisch produceren. Ook andere partijen lijken in die logica mee te gaan. Een ecologist vindt dat onvoldoende. De overheid moet haar verantwoordelijkheid nemen. En we mogen ons lot niet in handen van een paar grote bedrijven leggen. Het kan niet dat een raad van bestuur ergens in Parijs beslist over onze energie. De overheid moet het energiebeleid weer in handen nemen. Ook op Europees niveau. Het is toch te gek voor woorden dat Europa zich bezighoudt met geluidsnormen voor grasmaaiers, en geen centraal energiebeleid heeft.
Ja, alle partijen zijn aan het vergroenen. Maar het blijft bij marketing, bij wat cosmetica op de groene flank. De andere partijen zullen nooit een echt ecologisch gedachtengoed uitdragen, om de eenvoudige reden dat ze systeemconform zijn. Ze omarmen in alle opzichten de vrije markt. Ze stellen onze manier van produceren en consumeren niet fundamenteel in vraag. Wij wel. Om een ecologische visie uit te dragen, heb je de slagkracht van een groene partij nodig.’
Labels: ecologie, economie

Het verlies aan biodiversiteit is één van de grote milieuproblemen waarvoor we staan. Soorten verdwijnen aan een tempo dat maar liefst 1.000 keer hoger ligt dan de natuurlijke uitstervingsratio's.
Vis bijvoorbeeld wordt in bepaalde gevallen een bedreigde diersoort.
Zo verdween de voorbije 50 jaar meer dan 90% van de bestanden van populaire vissoorten als tonijn, heilbot en zwaardvis uit de wereldzeeën. Dat komt in de eerste plaats door overbevissing. Ook slechte vangstmethoden spelen een rol, en ook trawlers met netten die de zeebodem leegvegen, richten veel schade aan.

We kunnen die afname van de visbestanden in de wereldzeeën nog tegengaan, door onze eetgewoonten drastisch om te gooien, zegt het Worldwatch Institute, een Amerikaanse milieudenktank.
Minder zalm en tonijn eten, en meer schelpdieren en kleine vissoorten bijvoorbeeld.
Maar uiteindelijk is de oplossing natuurlijk ervoor zorgen dat we niet langer overbevissen. Vandaag wordt zoveel vis gevangen, dat de bestanden niet de tijd krijgen om weer aan te groeien. Volgens deskundigen geldt voor 75% van de vis dat deze sneller wordt gevangen dan dat die zich kan voortplanten. En volgens vakblad Science is de populatie vissen en schaal- en schelpdieren
in 2048 gewoonweg uitgestorven bij de overbevissing aan het huidige tempo.
We moeten met andere woorden gaan rentenieren; enkel nog die massa vis (de 'rente') vangen zodanig dat visbestanden zelf (het 'kapitaal') op peil blijven. Dat kan bovendien op een heel eenvoudige manier: door het instellen van quota of zelfs het (tijdelijk) instellen van zeereservaten.
Zo werd rond het eiland Madagaskar in de Indische oceaan
een bepaald zeegebied gedurende zeven maanden afgeschermd tegen de visserij. En: in die periode verdertienvoudigde het aantal inktvissen, terwijl het totale gewicht van de dieren met factor 25 (!) toenam. Het herstel van de visstand verbaasde zelfs de onderzoekers van
Blue Ventures, een natuurbeschermingsorganisatie.
Madagaskar bewijst dus dat bescherming van zeegebieden een economisch instrument kan zijn voor deze landen;
zo garandeert men dat de lokale visserijsector winstgevend blijft.
Het is dan ook totaal onbegrijpelijk dat
Vlaams minister van Landbouw Leterme ermee heeft voor gezorgd dat de visquota op Europees niveau alweer veel te hoog liggen. Zoals gewoonlijk heeft de Europese Commissie eerst de aanbevelingen van wetenschappers afgezwakt en hebben de ministers het voorstel van de commissie nog verder afgezwakt.
Bovendien liggen de officieel aangegeven vangsten zo'n 20 tot 25% lager dan wat er werkelijk wordt bovengehaald, wat de quota onwerkbaar maakt.
Leterme zorgt dus met alle plezier mee voor het doodvonnis van de Vlaamse visserijsector, en verpakt dat als 'redding van de sector'. Zeer cynisch is dat, en het getuigt van bijzonder slecht bestuur.
"Door te blijven volhouden dat de EU op deze manier de belangen van de sector verdedigt, komt er een moment dat de laatste visser het licht zal mogen uitdoen. Slechts door toe te laten dat de visbestanden zich herstellen kan deze industrie worden gered." zegt Jef Tavernier. Het wordt inderdaad tijd dat Vlaamse en Europese vissers
naar Malagassisch voorbeeld gaan rentenieren!
Labels: biodiversiteit, overbevissing

Puur Belgisch is een fijn muziekprogramma op
jimtv. De rode draad is een chart die wordt gekozen door de kijkers. Kijkers kunnen wekelijks surfen naar JIM.be waar ze kunnen stemmen op hun favoriete Belgische muziek van het moment.
Zondag 7 januari in PB: de Beste Belgen van 2006. En de Aalsterse rapgroep
Garçons Débilles heeft toch maar mooi de shortlist gehaald met "Wat es succes". Nu nog zo hoog mogelijk scoren!
Stemmen kan hier.
De videoclip van "Wat es succes" (met medewerking van stand-up comedian Raf Coppens) kan je op 16+ on line bekijken.
Labels: Aalst

Onderzoekers van de
Lund Institute of Technology willen
navigatiesystemen zoals
GPS vergroenen. Door andere factoren te laten meespelen, zoals wegkwaliteit, snelheid en typische verkeersstromen, denken de onderzoekers het brandstofverbruik drastisch te kunnen verminderen.
Het nieuwe ssteem gebruikt bestaande databases en is veelbelovend; verschillende testritten leverden een gemiddeld minverbruik op van maar liefst 8,2%. Mocht de hele transport- en bedrijfswagensector groene GPS gebruiken, dan levert dat grote milieuwinst op.
Leveringsfirma UPS gebruikt al gelijkaardige technologie, maar de onderzoekers in Lund willen het product bereikbaar maken voor iedereen. In hun testritten hadden de onderzoekers toegang tot de gegevens zoals kwaliteit van het wegdek of verkeersstromen voor hun testroutes, maar een zomaar een wereldwijde database van de nodige gegevens opstellen is zeer duur.
Wel is een besparing van 8% op het brandstofverbruik hoog genoeg om het systeem aantrekkelijk te maken voor de
early adopters in de distributiesector, vooral dan in stedelijke gebieden. En dat kan voldoende zijn om de kosten te drukken en het systeem dus te commercialiseren voor de grote consumentenmarkt.
In eigen land pleitte
groene burgemeester Ingrid Pira eerder al voor aanpassingen aan de software van GPS-systemen. Door aanpassingen aan de navigatiesoftware die door vrachtwagenchauffeurs wordt gebruikt, kunnen zo zware vrachtwagens worden geweerd uit woonbuurten. Vandaag is het enkel mogelijk om de snelste of de kortste weg te berekenen, zonder rekening te houden met woonbuurten. Maar door bijvoorbeeld ook criteria als "schoolomgeving" en "zone 30" te hanteren, kunnen vrachtwagens geleid worden langs wegen waar ze thuishoren.
(via
Treehugger en
NewScientist)
Labels: energie
8 oktober is nog maar net achter de rug, of Aalst maakt zich op voor alweer verkiezingen: de
prinsenverkiezing op zaterdag 27 januari. Voor mij is dat steeds het startschot van
carnaval: een
sjik kostuum bedenken, de groots opgezette verkiezingsshows volgen en uiteraard een pintje drinken met vrienden-carnavalisten. Wie het uiteindelijk haalt, is voor mij altijd minder belangrijk geweest, meestal geef ik zelfs mijn stembiljet gewoon weg. Ik ga vooral om de carnavalssfeer op te snuiven.

Voor de kandidaten zijn de verkiezingen uiteraard wel uitermate belangrijk. Prins Carnaval is een belangrijke eretitel en kandidaten voeren een soms erg bitse strijd om de scepter binnen te halen.
De jongste jaren moet het ludieke aspect het alsmaar meer afleggen tegen groots opgezette barnumcampagnes, met alle machinaties die er blijkbaar bij horen. Zoals overloperij van medewerkers en zwaar geroddel. De kandidaten gooien er een enorm campagnebudget tegenaan en delen allerlei gadgets uit om stemmen los te weken. En steevast wordt gezegd dat de verkiezing oneerlijk is verlopen, de stembiljetten niet goed werden geteld of kandidaten bussen 'buitenlanders' (mensen van buiten Aalst) hebben ingelegd om voldoende bolletjes achter hun naam ingekleurd te krijgen.
De toegangskaart voor de verkiezingsshow is ook een stembiljet, en dus is het belangrijk voor kandidaat-prinsen om voldoende kaarten te kunnen bezorgen aan eigen sympathisanten. Vorig jaar verliep de kaartenvoorverkoop op een chaotische, zelfs baldadige manier. Carnavalisten stonden al van 's morgens vroeg paraat en moesten uren aanschuiven voor een kaart. Er vielen zelfs gewonden, en de politie moest tussenbeide komen om de gemoederen te bedaren (het drankgebruik zal daar ook wel voor iets tussengezeten hebben).
En na die fameuze kaartenverkoop liet het Feestcomité weten dat het zo niet verder kan. Daarom had het comité de stad geadviseerd om de voorverkoop gewoon af te schaffen, en op de avond van de prinsenverkiezing zelf vier kassa's aan de Florahallen te zetten.
Nu heeft het kakelverse stadsbestuur een onbegrijpelijke beslissing genomen. De publieke kaartenverkoop voor de prinsenverkiezing wordt... afgeschaft! Alle kaarten worden door de drie kandidaat-prinsen verkocht. Hoeveel kaarten die elk zullen krijgen, moet de stad nog beslissen. Elke carnavalist vreest dan ook -terecht- dat de kandidaat-prinsen hun kaarten vooral aan hun eigen fans zullen verkopen, die na de verkiezingsshow zeker voor hen stemmen (ik zie het bij de "echte" verkiezingen al gebeuren: elke partij krijgt evenveel stembiljetten en mag die uitdelen aan de kiezers - eens benieuwd welke uitslagen dat systeem zou opleveren).
"We werken aan een regeling om een 0800 nummer op te zetten", reageert kandidaat Klaus Gabrio in Het Laatste Nieuws op dit laatste nieuws.
"Daar kan iedereen bellen voor een kaart." Kandidaat Kevin Meert stelt ook voor om alle groepen een aantal kaarten te geven.
"Zo kunnen de Aalsterse carnavalisten al zeker binnen."Zelfs indien de officieel ingeschreven groepen ook een pakje kaarten krijgen, dan nog betekent dit dat de gewone Aalsterse carnavalist nu nog minder dan vorig jaar de kans krijgt om te genieten van de prinsenverkiezingen.
Dat het hele gedoe zorgt voor verhitte discusses in het carnavalmilieu is dan ook onvermijdelijk.
Ik kan nu al voorspellen dat de
nieuwe burgemeester Ilse Uyttersprot, van wie bovendien op de installatievergadering van de gemeenteraad het bijzonder vervelende feit werd onthuld dat ze is geboren in
Dendermonde godbetert, een gemakkelijk uit te beelden thema wordt voor menig carnavalist. Zeker als het gerucht dat vandaag de ronde doet (de burgemeester tevens schepen van Feestelijkheden viert geen carnaval, maar skiet liever een besneeuwde heuveltop af) correct zou blijken te zijn.
Labels: carnaval, verkiezingen

Uit een
gisteren verschenen rapport van de
Union of Concerned Scientists (UCS) bleek nog eens overduidelijk hoe de
denial industry te werk gaat (en helaas resultaten boekt). Uit dat rapport blijkt dat oliemaatschappij ExxonMobil jarenlang organisaties heeft ingehuurd om publieke verwarring te stichten over het broeikaseffect en de bijdrage van de energie-industrie hieraan. Het doel: de wetenschappelijke consensus over de klimaatopwarming ondermijnen.
Volgens het rapport heeft ExxonMobil tussen 1998 en 2005 in totaal 12,2 miljoen euro betaald aan 43 organisaties die zich toeleggen op het publiceren en herpubliceren van een beperkt aantal wetenschappelijke studies van notoire ontkenners van het broeikaseffect. Zo wekten ze de indruk van "een levendig debat". ExxonMobil heeft ook via contacten met de regering-Bush, die de oliemaatschappijen gunstig gezind is, klimaat maatregelen weten te voorkomen.
Terecht vergelijkt de UCS deze tactieken met die van de tabaksindustrie enkele decennia geleden. Ook die bleef jarenlang staalhard ontkennen dat er een verband bestaat tussen roken en het ontstaan van longkanker.
ExxonMobil noemt het rapport dan weer "een poging om onze naam te besmeuren en de discussie te verwarren over een belangrijk onderwerp als CO2-uitstoot en het broeikaseffect". Yeah right. Afgelopen september schreef de Britse Royal Society, de belangrijkste wetenschappelijke academie van Groot-Brittannië, nog
een open brief aan ExxonMobil met de vraag om te stoppen met het subsidiëren van groepen die "de wetenschap achter het broeikaseffect fout voorstellen".
Dezelfde dubieuze praktijken werden onlangs
nog gedetailleerd gedocumenteerd in een rapport van de
Corporate Europe Observatory (CEO), een organisatie die het lobbywerk kritisch opvolgt. Volgens dat rapport stortte ExxonMobil 97.000 en 37.000 euro in de kas van respectievelijk het International Policy Network en het Centre for the New Europe (CNE).
Het CNE werd mee opgericht door VB-medewerker Paul Beliën, de man van VB-Kamerlid Alexandra Colen. Dat het VB dan ook de klimaatverandering ontkent, hoeft niet te verwonderen.
"De Verenigde Naties hebben een rist data vervalst en foute formules aangewend om het Kyoto-verhaal geloofwaardig te maken: het Westen moest het koste wat het kost inkrimpen én betalen aan de derde wereld." luidt het op de website van VB'er Filip De Man.
Labels: denial industry

Dinsdag 2 januari werd ook in
Aalst de nieuwe gemeenteraad geïnstalleerd. De vorige gemeenteraad was niet alleen de laatste van het jaar maar ook van de voorbije legislatuur. Toen namen we ook afscheid van heel wat niet-verkozen raadsleden.
Nu hadden we dus de eerste raad van het nieuwe jaar én van de nieuwe legislatuur. De Aalsterse kiezer had de kaarten grondig dooreengeschud: maar liefst 1 op 3 raadsleden is nieuw. Hopelijk brengt al dat nieuw, vers bloed ook een nieuwe inbreng. Al lang vóór de verkiezingen van 8 oktober was het ook duidelijk dat de raadsverkiezingen zouden nopen tot een nieuwe meerderheid. Na 18 jaar zat paars echt wel vastgeroest. Ik ben benieuwd wat de nieuwe meerderheid -een klassieke tripartiet-zal brengen.
Voor mij is Aalst nog steeds de stad waar ik graag woon en vertoef. Enkele weken geleden las ik in de krant wel een bijzonder treffende definitie van een stad. "Een stad is een dorp met een ijspiste" klonk het, en aan die definitie voldoet Aalst alvast. Maar Aalst zou zoveel meer kunnen zijn, voor mij moet Aalst een stad met ambitie worden.
Ambities uitspreken hoort bij het nieuwe jaar en ook de fractievoorzitters lieten niet na om dit nieuw jaar te starten met goede voornemens. Ik heb in mijn speech erop gedrukt dat elk raadslid het mandaat serieus zou nemen. Wie het mandaat van raadslid niet ernstig neemt, hoort gewoon niet thuis in een gemeenteraad. De gemeenteraad is immers de hoeksteen van de lokale democratie, of zou dat toch moeten zijn. Ik vond evenwel dat het vorige schepencollege daar nooit een realiteit heeft willen van maken. In Aalst gold zeker niet “het primaat van de raad” - integendeel. De raad werd dikwijls gereduceerd tot stemmachine en ja-knikker van de meerderheidspartijen. Heel wat raadsleden zater er ook dikwijls voor spek en bonen bij, en deden niet veel moeite om de democratische discussie wat
body te geven. Het was mijn wens dat de nieuwe meerderheid dit alvast zou veranderen.
Aan de
kersverse burgmeester en de nieuw aangestelde schepenen vroeg ik om hun mandaat in te vullen als vertrouwenspersoon maar vooral als beleidsmaker. Ze zullen als vanouds overstelpt worden met vragen van burgers en het is zaak om de signalen van de Aalstenaars als vanouds niet om te zetten in dienstbetoon en individuele hulp, maar wel in structurele hulp waarbij een beleid wordt uitgestippeld volgens een toekomstgerichte visie. Ook dát zou een trendbreuk betekenen in vergelijk met het paarse bestuur.
Van de nieuwe voorzitter verwacht ik alvast veel. In tegenstelling tot vroeger zit niet langer de burgemeester de raad voor, maar werd het voorzitterschap aan iemand anders toevertrouwd. De
maiden speech van
voorzitter Christophe D'Haese was alvast veelbelovend.
Ik heb gevraagd naar een nieuw en goed huishoudelijk reglement van deze raad waarbij schepenen verplicht worden inhoudelijks sterke antwoorden geven op vragen van raadsleden. Ook vroeg ik een procedure voor het beantwoorden van schriftelijke vragen binnen een redelijke termijn, en dat die vragen & antwoorden openbaar worden gemaakt. In de vorige legislatuur mocht ik meestal maandenlang wachten op een teleurstellend antwoord - sommige schepen slaagden er in om meer dan een jaar uit te trekken voor een antwoord. Tot slot stelde ik voor om het huidige vragenuur af te boeren en te vervangen door een vragenuurtje voor het publiek.
De nieuwe beleidsploeg zal in de nieuwe legislatuur, die loopt van 2007 tot 2012zeker haar verantwoordelijkheid moeten nemen inzake de klimaatproblematiek. Willen we dat de generaties na ons ook nog een goed leven zullen hebben, dan moeten wij vandaag de juiste keuzes maken. Welke mobiliteit kiezen we? Hoe organiseren we onze ruimtelijke ordening? En vooral: welke keuzes maken we betreffende verwarming, verlichting? Deze en andere energievragen worden dé problematiek van de toekomst,veel belangrijker dan dat pensioenen en sociale zekerheid die ooit waren.
Globale problemen moeten niet alleen globaal aangepakt worden, maar zeker en vast ook lokaal. Niet alleen in het federale parlement of Vlaamse regering, maar ook in de gemeenteraad. De nieuwe legislatuur loopt van 2007 tot 2012, en laat 2012 nu het jaar zijn waarin het Kyotoprotocol afloopt.
Ik had de vorige beleidsploeg al langer gevraagd om zichzelf de ambitie op te leggen om 7,5% energie te besparen en zo haar verantwoordelijkheid op te nemen t.a.v. de klimaatproblematiek. Dat heeft paars nooit willen doen. Integendeel, begroting na begroting stegen de energie-uitgaven en ook nu weer wordt een stijging voorzien.
Aalst kan deze fouten rechtzetten, en net zoals vergelijkbare steden in Nederland dat doen, of nu ook stad
Gent, zichzelf de doelstelling opleggen om klimaatneutraal te werken. Klimaatneutraal wil zeggen dat in de eerste plaats zoveel mogelijk uitstoot van broeikasgassen wordt voorkomen. Wat toch nog aan broeikasgassen wordt uitgestoten, wordt dan gecompenseerd door te investeren in projecten van hernieuwbare energie.
Elke maatregel, elk dossier, elk voorstel van deze meerderheid zal Groen! in de optiek bekijken. En mocht Aalst zichzelf deze doelstelling opleggen, dan wordt het meer dan een dorp met een ijspiste, dan wordt het een stad met ambitie. De ambitie om deze stad ook aangenaam te maken voor toekomstige generaties.
Labels: Aalst, gemeenteraad

Recent werden vlakbij de Queensborough Bridge in New York City twee getijdenturbines geplaatst.
Op termijn komen er zes van zulke hernieuwbare energiebronnen. Zo'n onderwaterturbine lijkt op een windturbine, maar wordt onder water geplaatst en maakt daar gebruik van de getijdekracht om stroom op te wekken.
Van de installatie van de twee turbines zou op de
website van NY Times ook een video te bekijken zijn (
:: via Treehugger), maar technisch is me dat niet gelukt.
New York City telt meer dan 8 miljoen inwoners op 785,2 km² land en is dus dichtbevolkt (10.199 inw/km²). De onderwaterturbines werden ontworpen door onderzoekers van de New York University. De zes turbines zijn goed voor stroom aan 8.000 gezinnen. NYC plant ook nog windturbines op een heuvel op de voormalige Fresh Kills Landfill. Die windkracht is goed voor stroom aan 5.000 gezinnen op Staten Island.

Met creatieve en innovatieve eco-tech heeft men dus geen kilometers kustlijn nodig om te kiezen voor hernieuwbare energie. En in tegenstelling tot grootschalige hydro-elektriciteitsopwekking met dammen grijpt men veel minder in op het landschap.
Nog zo'n eco-tech ontwikkeling is de microwindturbine:
turbines die passen op daken van gebouwen, en dus zelfs in steden kunnen zorgen voor stroom.
In het Britse Manchester staan op het Co-operative Insurance Services building alvast 19 turbines. De turbines van 3 meter hoog zullen jaarlijks één ton CO2-uitstoot vermijden. De investering is op 5 jaar terugverdiend, en het eenvoudige idee kon relatief vlug en goedkoop worden uitgevoerd. Als gezinnen zelf windstroom zouden kunnen opwekken, levert hen dat meer op dan een spaarboekje.
Ondertussen komt bij ons de hernieuwbare energie maar niet uit de startblokken. Wat wil je, met de Belgische en Vlaamse verkrampte klassieke politieke partijen. Iedereen herinnert zich nog de onverkwikkelijke soap over de
near shore windparken: na een klacht van een 80-jarig vrouwtje met blijkbaar geweldig goede ogen en schrik voor een veranderende kustlijn, schorste de Raad van State enkele vergunningen voor de bouw een windtubinepark voor de kust in Knokke, komt daar later terecht op terug, maar verklaarde Johan Van de Lanotte dan maar met één pennentrek de hele Belgische Noordzeekust windturbinevrij.
Microwindturbines mogen in Vlaanderen dan weer niet omdat de regelgeving rond ruimtelijke ordening het niet toelaat. Windkracht 0, met andere woorden.
Geen wonder dat België van alle industrielanden zowat het slechtst scoort in
de ranking van Ernst & Young inzake hernieuwbare energie, mét bijhorend verlies van duizenden jobs. Ons land bekleedt een povere 18de plaats en laat enkel Finland en Oostenrijk achter zich, terwijl China is opgerukt naar de 6de plaats. Zelfs India slaagt in ambitieuzer hernieuwbare energieplannen dan hier in Vlaanderen en haalt de top-3.
Labels: energie, windkracht

Via
En nu even ernstig, die de link vonden op
Appelogen, heb ik een fantastische website gevonden waarbij alle Legohandleidingen te vinden zijn.
Uren, nee dàààgen, heb ik me als kind rot geamuseerd met
Lego. Pasen, Sinterklaas, verjaardagen: kreeg ik geen boek dan was het wel een nieuwe Legodoos. Ook mijn jongere zus was Legogek.
Duplo hadden we sowieso overgeslagen, en voor ons ook geen
Technics (waarvan de buurjongens massa's dozen hadden). Neen, neen, voor ons bracht Legoland het fijnste bouwplezier. Onze ouders hadden zelfs een hele grote schuif van de wandkast in de living gereserveerd enkel en alleen voor onze blokjes. En samen hadden we op de zolderkamer een heuse Legostad ineengeknutseld. Kan je nagaan hoe
thrilled we waren met het bezoekje aan het échte
Legoland tijdens een vakantie in Denemarken (toen we eigenlijk die dozen al netjes weggeborgen hadden omdat we er dan al wat te oud voor geworden waren).
En op de website vind ik inderdaad veel speelplezier terug: van de
garage - mijn allereerste legodoos, over de
brandweerboot, het
postkantoor, het
politiekantoor tot zelfs
de elektrische trein en
station,... Gecategoriseerd of chronologisch, gewoonweg
alle blokjesplezier is terug te vinden.
Hoog tijd dat ik mijn ouders verlos van mijn stapel zorvuldig bijgehouden legodozen. Heb ik tenminste iets te bieden wanneer vrienden met kindjes op bezoek komen.
Labels: trivia
ChampagneDe druiven van het verleden
veranderen in amber
De luister van het koolzuur
bruist in het avonduur
luister naar de duiven van morgen!
Gouden nachten, schuimende dagen
staan ons te wachten
in die duizelende sluipende jaren
© Hugo Claus / uit: In geval van nood (De Bezige Bij, Amsterdam, 2004)
0 reactie(s):
:: zelf reageren ::